Herken je dat? Je bent echt boos of gefrustreerd en iemand gooit er ook nog eens een “Ja, maar…” tegenaan. Het is een voorbeeld van een empathie valkuil die werkt als een rode lap op een stier. Of zoals Marshall Rosenberg het zei: “Never put your ‘but’ in the face of an angry person.”
Wanneer je boos bent, ergens mee zit of iets verdrietigs hebt meegemaakt, hoop je vaak op een empathische reactie van een vriend, collega of partner. Toch heb je vast wel eens ervaren dat niet iedere reactie die goed bedoeld is, ook daadwerkelijk helpend is. In de ene situatie is een advies precies wat je nodig hebt. In een andere situatie is datzelfde advies totaal niet te verdragen. Soms voelt troost warm en steunend, en op een ander moment wil je vooral met rust gelaten worden.
Hoe komt dat?
Wat zijn empathie-valkuilen?
Empathie-valkuilen (niet te verwarren met de ninox natalis sympaticus, de sympathieke valk-uil) zijn reacties die empathisch bedoeld zijn, maar niet (of niet op dat moment) als empathisch worden ervaren. Ze worden ook wel empathie-blockers genoemd. Binnen Geweldloze communicatie beschreef Marshall Rosenberg dergelijke reacties als manieren waarop we onbedoeld de verbinding verbreken. We reageren vaak automatisch, vanuit betrokkenheid of goede intenties. Juist daardoor missen we soms de afstemming op wat de ander op dat moment werkelijk nodig heeft.
Voorbeelden van empathie-valkuilen
Dit zijn een aantal herkenbare empathie-valkuilen die vaak voorkomen in gesprekken:
- Met een eigen verhaal komen: je zit ergens mee en terwijl je vertelt wat je hebt meegemaakt, begint de ander over een vergelijkbare (of nog heftigere) ervaring van zichzelf of iemand anders. “Ik weet precies hoe je je voelt.” Really?
- Adviseren: je deelt iets kwetsbaars en de ander komt direct met tips, oplossingen of uitleg over wat je had of zou moeten doen.
- Schuld naar jezelf toe trekken: “Ben je je baan kwijt? Oh nee, sorry, sorry… ik had je nooit moeten aanmoedigen daar te gaan werken.”
- Sussen of relativeren: je hart is gebroken en iemand zegt: “Ach joh, denk maar zo: er zijn nog genoeg andere leuke vissen in de vijver.”(waar gebeurt).
- Medelijden of overmatig troosten: de reactie is zo begripvol dat je denkt: zo erg is het nou ook weer niet hoor.
- Oordelen of beleren: “Ja, dat is natuurlijk ook niet zo handig van je.” Of: “Die zag ik al van mijlenver aankomen.”
- Corrigeren: “Nee joh, je bent niet boos, je bent gewoon teleurgesteld.”
- Uitleg geven: “Ik snap dat het vervelend voor je is, maar weet je wat het is…”
- Ondervragen: “Wat zeg je, is je hond aangereden? Waar? Door wie? Hoe laat?”
- Sympathie: “Och wat naar om te horen, arme ziel, het grijpt me echt ontzettend aan dat je dit vertelt. Wat kan ik voor je doen?”
Misschien denk je bij een aantal van deze reacties: maar dit is toch helemaal niet zo erg?
En dat klopt. Troost, advies, relativering of met een eigen verhaal komen, kunnen allemaal helpend zijn. Het gaat hier dan ook niet over ‘goede’ of ‘slechte’ communicatie. Dezelfde reactie kan in de ene situatie verbindend zijn en in een andere situatie juist afstand creëren.
Wat maakt een reactie empathisch?
De kern zit niet in de woorden zelf, maar in de afstemming op de gevoelens en behoeften van degene die je empathie wilt geven. Die afstemming bepaalt of je reactie als empathisch wordt ervaren of niet.
Empathisch reageren begint bij vol-ledig aanwezig zijn. Met je volle aandacht bij de ander en leeg van aannames of oordelen. Of in het Engels: to be (a) present. Je geeft je aandacht en je aanwezigheid als cadeau aan de ander, zonder iets te willen oplossen, verbeteren of bereiken.
Waar heeft de ander nu behoefte aan? Gehoord worden? Begrip? Rust? Advies? Reflectie? Of juist een concreet voorstel? In een training vertelde een stel laatst hoe zij dit samen hadden opgelost. Wanneer zij iets deelt, en hij wil reageren, vraagt hij nu eerst: “Wil je dat ik luister, of wil je weten wat ik ervan vind?”. Voor deze partners werkt dat verrassend goed. Geen giswerk meer. Geen misverstanden. Wel helderheid en verbinding.
Het verschil tussen empathie en symphatie
Zodra we onszelf gaan meenemen in het verhaal van de ander, verschuift empathie richting sympathie. Zodra we zelf graag van betekenis willen zijn, schieten we eerder in reacties die meer zeggen over onze eigen behoeften die we proberen te vervullen dan dat we zijn afgestemd op de behoeften van de ander. Als we bijvoorbeeld graag advies willen geven vanuit onze eigen behoefte om van betekenis te zijn, aan voortgang of aan verandering, dan zal het de ene keer wel in goede aarde vallen bij de ontvanger en de andere keer niet.
Empathie vraagt dat we niet invullen, maar afstemmen. Empathie vraagt geen perfecte woorden, maar vertraging, nieuwsgierigheid en de moed om even niets te doen.
Beeld: de ninox natalis sympaticus
Informatief om te kijken: over het onderscheid tussen Empathie en Sympathie maakte Brené Brown dit filmpje.
